Blog

Draaikontenfase

Het is half negen in de ochtend. Een prachtige dag vol mooie beloftes. De lucht kleurt roze met babyblauwe vlagen ertussendoor. Man en 2 kinderen zijn de deur uit. Hoe idyllisch begint deze dag… Maar dan slaat het onheil toe. Zoonlief van 1 ½ is plotseling stil in zijn speelhoekje. Dat is altijd verdacht wanneer hij vrolijk aan het spelen is. En ja, dan gebeurt het. De schoudertjes gaan omhoog, het gezicht loopt rood aan en dan komt het geluid. Uuuuuuhhhh, uh, uuuuuhhhhh, uh. De eerste dampen stijgen langzaam op uit de speelhoek. ‘Klaaah!’, hoor ik even later opgelucht. Het spelen gaat weer verder. Zelf ben ik net lekker bezig achter mijn laptop, kopje thee erbij. Zal je altijd zien. Aan de andere kant zeg nou zelf; een poepluier komt nooit gelegen. Het is kiezen of delen. Of lekker nog even doorgaan en straks de poep van zijn billen af moeten schrapen. Of het meteen doen nu het nog zacht, warm en vers is (lees: extra stinkt). Dat is in ieder geval makkelijker schoonmaken. In het belang van mijn zoontje kies ik voor optie twee. Even snel op de bank. Ik pak een luier en doekjes uit de la en roep Jair. ‘Kom bij mama dan krijg je schone billen!’ Hij komt. Hij wil er duidelijk graag vanaf. Normaal als ik hem roep, kijkt hij me aan, begint te lachen en rent hard weg (als tie zou kunnen). Samen stappen we naar de bank. Ik leg hem neer en begin zijn broek naar beneden te sjorren. Maar laten we eerlijk zijn; een kind van anderhalf ‘even makkelijk’ verschonen is er natuurlijk niet bij. Onze Jair is op dit moment letterlijk in de ‘draaikont’-fase. De broek zit nog niet op de enkels of meneer begint te draaien. ‘Blijf nou liggen!’ Ik geef hem een speeltje; de door mijn andere zoon zelfgebreide muis. Foute keus. Nog net op tijd kan ik hem uit zijn handen trekken voordat er van de muis niets anders over is dan een gekrulde draad. Een autootje dan. Dat werkt, ik kan rustig verder. Broek omlaag, romper los. So far, so good. Pakje met doekjes alvast open maken. Nu het echte werk. Ik trek de klittebandjes een voor een los en duw de voorflap naar beneden. De schade is beperkt, maar zoals verwacht de stank enorm en de samenstelling papperig. Bah, zicht op de bietjes van gisteravond! Ik pak een doekje en houd zijn benen omhoog. Precies op dat moment is het autootje niet interessant meer en begint meneer te draaien. En nog verder te draaien. De luier schuift onder hem vandaan en mijn hand schiet in de warme, zachte massa. Bah! Poep aan mijn vingers, aan de broek. Overal poep. In de haast trek ik met mijn vieze vingers (mijn dat-ga-ik-de-hele-dag-ruiken-hoe-goed-ik-ze-ook-was-vingers) een doekje uit de verpakking. Althans dat probeer ik. Tot mijn frustratie trek ik er vijf uit. Wanneer stap ik over op duurdere doekjes waar ze er wel zoals beloofd een voor een uitkomen?! Ik maak er snel een prop van en probeer de schade te beperken. Met Jair in de houdgreep, een prop doekjes in mijn hand en stinkende vingers maak ik zo goed mogelijk zijn billen schoon. Haal tegelijkertijd de vieze luier weg en wissel hem in voor een schone. In een tempo waar je verstelt van staat. Ze zouden er een sport van moeten maken. Ik zou absoluut een kans maken om in het Worldbook of records te komen. Uiteindelijk is de klus geklaard. De billen zijn schoon. Jair loopt weer rond. Mijn handen zijn gewassen. Ik durf er niet aan te ruiken. Klaah!

Of toch niet; ‘uuuuhhhhh’ klinkt het even verderop in de kamer…